Beoordeling Stage

 

Eindbeoordeling Stage 1

 Algemene gegevens

 Student
Boom,Dennis D.
 Stage bedrijf
RTV Rijnmond
 Beoordelaar
Bles,Michiel M.F.
 Stageperiode
Van: 28-12-2016      tot: 17-2-2017
 Datum beoordeling
14-3-2017
 Eindoordeel
6.0
 
 Algemene indruk student (stage):

​Dennis maakt een aarzelende en soms verlegen indruk. Dat kan bij het werk in de weg zitten. Soms had hij niet direct een onderwerp, “ Er is nog niks” maar dan moet hij juist eigen initiatief tonen en meer gretig gaan zoeken en vastbijten. Bij het verwerken nam Dennis de tijd, montages duren vaak lang, kijk uit met deadlines. Lange tijd ontbrak de waarom-vraag in Dennis’ reportages. Ook leerde Dennis een
verhaal logisch op te bouwen.

Dennis’ reportages zijn aardig maar niet bijzonder, eerder plichtmatig dan origineel en verrassend. Het mag allemaal speelser en vrijer. Dennis is slimme jongen, bedachtzaam en leergierig en heeft onmiskenbaar inzet. Maar hij moet zich nog veel meer ontwikkelen, sneller werken, vlieguren maken, meer de wereld in, levenservaring opdoen.

 Algemene indruk student (verslag):

​Je verslag zit goed in elkaar. Je laat duidelijk zien wat je geleerd hebt en hoe en toont daarbij voldoende reflectie. Ook uit je verslag blijkt dat je te veel naar de verwachtingen van de stageplek hebt gehandeld. Je zag welke onderwerpen er gepitcht werden en ging hetzelfde doen. Dan moet je op z’n minst een paar keer wat helemaal anders brengen. Alleen maar om te onderzoeken hoe daarop gereageerd wordt. Je legt goed uit hoe vind dat je te weinig vasthoudend bent geweest en wat je daarvan geleerd hebt. Het is jammer dat je pas laat in je stage feedback hebt gekregen op verwerken van je stukken. Dat had je eerder kunnen organiseren, zodat je er tijdens je stage meer van had kunnen leren. De beschrijving van je eigen producties is wat summer, met name die van het goede item. Het was mooi geweest als ik het ergens had kunnen terugluisteren. Je intro van hoofdstuk 3 is wat verwarrend. Waarom voer je de receptioniste op als bron? Je onderbouwt vervolgens je stelling dat onlne meer volgers krijgt dan offline. Is dat uberhaupt te meten? En goed met elkaar te vergelijken? Daar ga je nogal snel aan voorbij. Al met al een gedegen verslag, waarmee je de 6 van je begeleider behoudt.

 
 Feedback en eventuele reparaties:
 
O
V
G
 KIEZEN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 1: Kiest op aansturing van een redactiechef relevante en actuele onderwerpen die geschikt zijn voor een brede doelgroep, en zoekt bij die onderwerpen voor de hand liggende invalshoeken. Stemt keuze af op de beoogde media. Draagt soms zelf onderwerpen aan.
Kiest relevante en actuele onderwerpen. 
  1. Gericht op een brede doelgroep. 
  2. Draagt zelf ook onderwerpen aan. 
  3. Kiest passende genres voor het medium. 
 Feedback
 
O
V
G
 PLANNEN EN ORGANISEREN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 2: Plant op basis van duidelijke opdrachten en afspraken werkzaamheden en houdt daarbij de planning van het team in het oog. Gaat systematisch en geordend te werk. Houdt zich aan deadlines voor eenvoudige producten op kortere termijn.
  1. Plant werkzaamheden op basis van de redactieplanning.
  2. Houdt zich aan deadlines.
  3. Gaat systematisch en geordend te werk.
 Feedback
 
O
V
G
 VERZAMELEN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 3: Kan over een alledaags actueel onderwerp gericht op een breed publiek de relevante vragen stellen en de voor beantwoording daarvan relevante informatie verzamelen uit schriftelijke, elektronische en mondelinge bronnen. Kan daarvoor putten uit bronnen in de Nederlandse en Engelse taal.
  1. Kan relevante vragen stellen bij een actueel onderwerp.
  2. Haalt basale informatie uit schriftelijke en mondelinge (Engelstalige) bronnen.
  3. Stemt research af op een brede doelgroep.
  4. Kan bij een onderwerp ondersteunend materiaal verzamelen. 
 Feedback
 
O
V
G
 SELECTEREN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 4: Kan uit een beperkte en overzichtelijke hoeveelheid informatie die informatie selecteren die uit het oogpunt van logica, samenhang, relevantie en evenwicht noodzakelijk is om een breed publiek van relevante en actuele feiten te voorzien. Houdt daarbij rekening met de beschikbare ruimte. Kan gericht ondersteunend materiaal selecteren bij het product.
  1. Gebruikt de voor goed begrip noodzakelijke informatie.
  2. Kan genregericht selecteren.
  3. Kan het product op maat aanleveren.
  4. Past hoor- en wederhoor waar nodig toe.
  5. Gebruikt alleen betrouwbare en feitelijke informatie.
  6. Selecteert met het oog op het medium.
 Feedback
 
O
V
G
 ORDENEN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 5: Kan het geselecteerde materiaal in producten logisch en chronologisch ordenen. Beheerst de ordeningsprincipes van de genres internetbericht, interview, verslag en samengestelde productie.
  1. Ordent eigen en andermans producten logisch en samenhangend. 
  2. Beheerst ordeningsprincipes van de media en genres die het stagebedrijf van je verlangt. (bijv. bericht, interview, achtergrondverhaal, verslag en samengestelde producties)
 Feedback
 
O
V
G
 VERWERKEN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 6: Kan het geselecteerde materiaal helder en waar nodig compact presenteren in verzorgd Nederlands taalgebruik en kan taalgebruik afstemmen op een brede doelgroep. Maakt in alle basale genres gebruik van de in die genres gangbare journalistieke taal- en stijlconventies. Kan aanvullend materiaal goed verwerken in product.
 
  1. Schrijft in goed Nederlands.
  2. Levert zijn producten verzorgd/ presentabel aan.
  3. Schrijft voor een brede doelgroep.
  4. Maakt voor de basale genres gebruik van gangbare journalistieke beeld-,  taal- en stijlconventies.
 Feedback
 
O
V
G
 EVALUEREN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 7: Kan met inzicht de eigen producten en die van anderen beoordelen op basis van de in het beroep gebruikelijke criteria. Kan eveneens reflecteren op de eigen attitude en handelen, daarbij zowel lettend op functionele als op ethische aspecten van het handelen.
 
  1. Kan uitleggen hoe zijn journalistieke producten tot stand zijn gekomen.
  2. Kan uitleggen waarom hij bepaalde journalistieke keuzes heeft gemaakt met het oog op een brede doelgroep en de formule van het medium.
  3. Kan reflecteren op de berichtgeving rond een onderwerp.
Toont ethisch besef in zijn handelen en producten
 Feedback
 
O
V
G
 REFLECTEREN OP HET VAK
¡
¤
¡
COMPETENTIE 8: Toont inzicht in de maatschappelijke verantwoordelijkheid, de betekenis en de context van de journalistiek en kan crossmediaal denken. Toont inzicht in de beginselen van de beroepsethiek, het mediarecht en in het mediabeleid van de overheid. Verwerkt kennis over het vak in inhoudelijk samenhangende producten.
 
  1. Kan uitleggen hoe zijn journalistieke producten tot stand zijn gekomen.
  2. geeft blijk van kennis van de journalistieke actualiteit.
  3. geeft blijk van correcte vakspecifieke kennis.
  4. laat zien hoe theorie van toepassing is op een onderwerp uit de praktijk en beschrijft genoemde theorie en praktijk in een logische samenhang.
  5. beschrijft en beargumenteert de onderzoeksmethode.
  6. beargumenteert de relevantie en bruikbaarheid van de onderzoeksresultaten.
  7. voorkomt inhoudelijke tegenstrijdigheden en onnodige vragen bij de lezer.
  8. doet (eventueel) aanbevelingen.
 Feedback
 
O
V
G
WERKEN IN TEAM- EN/OF REDACTIEVERBAND
¡
¤
¡
COMPETENTIE 9: Kan met anderen samenwerken in een journalistiek team en houdt zich daarbij aan afspraken. Kan in een crossmediaal team de toegewezen rollen vervullen en stemt de activiteiten af op het door het team beoogde resultaat. Vertoont in het team inzet en flexibiliteit.
 
  1. Kan in een journalistiek team binnen vastgestelde kaders samenwerken.
  2. Houdt zich aan redactieafspraken.
  3. Stemt activiteiten af op het door het team beoogde resultaat.
  4. Is voldoende flexibel.
  5. Toont voldoende inzet en betrokkenheid.
  6. Vertoont collegiaal en sociaal gedrag.
  7. Communiceert waar dat nodig is
 Feedback
 
O
V
G
WERKEN BINNEN EEN BEDRIJF
¡
¤
¡
COMPETENTIE 10: Functioneert in een journalistiek bedrijf als werknemer naar tevredenheid van de werkgever en houdt zich aan de gemaakte afspraken. Doorziet de belangen van een journalistiek bedrijf en toont basaal inzicht in het redactiestatuut, de financiële situatie, de organisatiestructuur, de werkprocessen, de aanwezige functies en overlegstructuren.
 
  1. Functioneert in een journalistiek bedrijf als werknemer naar tevredenheid van de werkgever.
  2. Houdt zich aan de met de werkgever gemaakte afspraken.
  3. Is accuraat en staat borg voor de betrouwbaarheid van zijn informatie.
  4. Heeft voldoende werktempo
  5. Toont een lerende grondhouding.
  6. Is assertief, komt waar nodig op voor zichzelf.
 
 Feedback
 
O
V
G
REFLECTEREN OP MAATSCHAPPELIJKE VERSCHIJNSELEN EN ONTWIKKELINGEN
¡
¤
¡
COMPETENTIE 11:Heeft een breed niveau van algemene kennis. Heeft basale parate kennis van de dagelijkse onderwerpen die aan de orde zijn in een op een brede doelgroep gericht journalistiek medium, en verwerkt kennis van de wereld en inhoudelijk samenhangende producten.
 
  1. Heeft een voldoende brede algemene ontwikkeling. 
  2. Kan dagelijkse onderwerpen inhoudelijk aan. 
  3. Kan inhoudelijk samenhangende producten maken die gericht zijn op een brede doelgroep. 
  4. Is duurzaam op de hoogte van actualiteit.
 
 Feedback

Deze beoordeling laat zien dat het maken van journalistieke producties mij nog steeds niet helemaal goed af gaat. Ik moet eerder contact zoeken met mogelijke bronnen om meer voor elkaar te krijgen. Tijdens die zes dagen ben ik eindelijk – geïnspireerd door een co – creatiever gaan denken. Ik zag hoe hij verbanden legt en connecties maakt, waardoor hij op creatieve ideeën komt. Dat begon ik zelf ook te doen.

Reactie op beoordeling

Ik ben het grotendeels eens met deze beoordeling. Ondanks dat ik misschien slim, bedachtzaam en leergierig ben, komt het talent me niet aanwaaien. Het kostte me daarom ook even om te wennen aan het maken van radioreportages. Ervaring op dat gebied had ik ook al bijna niet. Zoals ik ook al eerlijk opschreef op een A4’tje dat bij RTV Rijnmond kwam te hangen, zodat zij al een beetje wisten wie ik was,  koos ik voor deze stage omdat ik kennis wilde maken met het medium. Dat ging dus stroef, echt talent had ik niet, moest alles nog leren en onder de knie proberen te krijgen. Uiteindelijk kreeg ik in januari en februari wel steeds vaker mooie reacties op mijn repo’s. Ik heb dan ook, zoals Jacco al zegt, veel geleerd en ben wel beter geworden.

Dat ik soms een aarzelende en verlegen indruk maakte begrijp ik. Voornamelijk aan het begin voelde ik me ook wel erg ‘een stagiair’. Niet omdat de werknemers me zo lieten voelen, dat deed ik voornamelijk zelf. Dat ligt ook aan mij; ik cijfer mezelf snel weg, denk dat ik iets niet goed kan/ergens niet goed genoeg voor ben. Vandaar ook de aarzelende indruk af ten toe.

Het verloop van mijn stage

Mijn stage verliep niet zo lekker. De voorafgaande anderhalf jaar raakte ik steeds meer geïnteresseerd in de radio en wilde eens kijken of het ook echt iets voor mij was. Daarom besloot ik te solliciteren bij RTV Rijnmond. Dat verliep goed, na het sollicitatiegesprek werd ik meteen aangenomen.

Vanaf het begin, kostte het mij ongeveer een maand om de indeling van een radioreportage onder de knie te krijgen. Ik maakte voor mijzelf een afstreeplijst van waar ik rekening mee moest houden. Dat hielp, de volgorde kreeg ik daardoor wel door en in tegenstelling tot het begin vergat ik de ‘waarom-vraag’ niet meer.

Waar ik nog steeds moeite mee had, was onderwerpen vinden. Net als op de Nieuwsredactie twijfelde ik of onderwerpen wel goed genoeg waren. Ik vond ze te klein of onbelangrijk. Andere ideeën werden soms afgekeurd of liepen uiteindelijk vast na telefoongesprekken met betrokkenen. Achteraf gezien komt die kritische houding van mij tegenover mogelijke onderwerpen ook doordat mijn voorkeur uitgaat naar langere journalistieke producties. Al hoewel ik het wel leuk vond om op pad te gaan, waren de onderwerpen inhoudelijk soms erg mager.

Daarbij duurde het monteren bij mij aan de lange kant, waardoor ik een paar keer mijn deadline niet haalde. Tijdens het monteren peins ik vaak over de selectie en de volgorde. Dat ging later wel in mijn stage wel beter, maar nog steeds kostte het mij behoorlijk wat tijd. Als ik dan eens een keer laat terug was van interview (dat gebeurde nog wel eens wanneer ik meeging met een tv-verslaggever), was er nog maar weinig tijd om te monteren.

Al met al een stage waar ik toch veel in heb geleerd, onder andere ook door de gesprekken met mijn collega’s. Ik ga later misschien wel wat met radio doen, maar elke dag radioreportages maken zal het niet worden.